Rechts inhalen
Rechts inhalen mag maar in twee gevallen: bij een voorligger die links pinkt en zich al links heeft opgesteld, en bij een tram die de rijbaan volgt.
1. De voorligger gaat links afslaan of links parkeren. Twee dingen moeten samen kloppen: hij pinkt links én hij heeft zich al naar links begeven. Je mag daarbij niet op de parkeerstrook achter de brede witte streep of op het fietspad komen.
2. De tram. Een spoorvoertuig dat de rijbaan volgt, haal je rechts in, of het nu rijdt of stilstaat. Links mag alleen als rechts niet kan, en zonder tegenliggers te hinderen. Stopt de tram aan een halte zonder vluchtheuvel, dan moet je stoppen aan de kant waar de reizigers in- en uitstappen, en mag je daarna alleen met matige snelheid verder.
Een paar situaties tellen niet als inhalen, ook al ga je rechts sneller: een file waarin de rechterstrook wat sneller opschuift, voorsorteren volgens de borden F13 of F15, en binnen de bebouwde kom de rijstrook volgen die het best bij je bestemming past.
Op het examen
Rechts inhalen buiten die gevallen is een overtreding van de tweede graad, ook op de autosnelweg en de autoweg. Het gevaar is dat niemand het verwacht: wie van strook wisselt, kijkt naar links, en rechts van hem zit de dode hoek.
Het onderscheid met een file is de klassieke vraag. Schuift de rechterstrook bij zeer druk verkeer gewoon wat sneller op, dan haal je niemand in.
De borden erbij
Lees de volledige lessen
Hier staat wat het is. In de theorie staat wat je moet doen.
Oefenen komt eraan
We werken aan een oefenapp.