Waarschuwingsknipperlichten en claxon
Ongeveer 1 minuut lezen
In dit hoofdstuk: Les 5 van 6 · 6 min
- Wanneer moet je licht voeren?
- Dimlicht en grootlicht
- Mistlichten
- Licht bij stilstaan en parkeren
- Waarschuwingsknipperlichten en claxon
- Rijden in een tunnel

De vier pinkers
Alle richtingaanwijzers tegelijk laten knipperen mag alleen:
- als je auto defect is of je lading gevallen is;
- als een schoolbus kinderen laat in- of uitstappen;
- om anderen te waarschuwen voor een dreigend gevaar, zoals een ongeval of plots een file.
De claxon
Toeter kort, en alleen:
- om een ongeval te voorkomen;
- buiten de bebouwde kom, om een bestuurder te waarschuwen die je gaat inhalen.
Tussen het vallen van de avond en het aanbreken van de dag toeter je alleen bij dreigend gevaar. Wil je iemand anders waarschuwen, dan sein je kort met grootlicht en dimlicht om beurten.
Je auto mag geen andere claxon hebben dan die van de fabrikant.
De spiegels
Je spiegels moeten zo staan dat je vanaf je plaats het verkeer achter en links van je ziet, ook een auto die je begint in te halen.
Oefenen komt eraan
We werken aan een oefenapp.